Gepost op

Veenhuizen, zelfvoorzienend

Veenhuizen is sinds mensenheugenis een dorp geweest waar eigen initiatief zoals zelfstandig ondernemen nooit welkom was, ja zelfs verboden was. Dat klinkt natuurlijk vreemd, vooral als je bedenkt, dat bijna alle beroepen wel degelijk vertegenwoordigd waren in Veenhuizen. Ze werden echter niet uitgeoefend door zelfstandige ondernemers, maar veelal door aan lager wal geraakte mannen, die verplicht of vrijwillig opgenomen werden. Later werd, vanwege veranderde omstandigheden, het werk steeds meer gedaan door veroordeelde misdadigers. Het was een dorp dat eigenlijk geïsoleerd was van de buitenwereld. Het was een dorp met gevangenen en ambtenaren en de bordjes met artikel 461 Wetboek van Strafrecht vertelden je, dat het dorp en wijde omgeving verboden terrein was.

Vanaf de periode dat de grote heidevelden in Drenthe ontgonnen werden in de 19de en 20ste eeuw tot enige tientallen jaren geleden, is dat eigenlijk steeds zo gebleven. Het is al die tijd de bedoeling geweest dat Veenhuizen zo veel mogelijk zelfvoorzienend zou worden. Om dit te bereiken zou alles door de eigen bevolking gedaan moeten worden en omdat het dorp alleen ambtenaren en gevangenen kende, waren dit de aangewezen personen om het ten uitvoer te brengen.

Het werk, dat dit met zich meebracht, moest door de gedetineerden zelf worden gedaan en het toezicht hierop was voor de ambtenaren.

Het vestigen van zelfstandige bedrijven of bedrijfjes werd, zoals gezegd, niet toegestaan. Er waren dus ook weinig kansrijke particuliere initiatieven, die tot wasdom konden komen. Ja, er waren twee kruideniers voor de dagelijkse levensbehoeften van de ambtenaren. Verdere initiatieven werden tegengehouden door de ambtenarij, die bepaalde wat er door wie moest gebeuren. Je kunt het je bijna niet voorstellen, dat zoiets ook nog functioneerde, en toch……..het kon allemaal en het gebeurde allemaal in Veenhuizen!

Gepost op

Het begin: Maatschappij van Weldadigheid

Veenhuizen heeft iets geheimzinnigs. Ooit een rustig buurtschap met een enkele boerderij, werd het een opvang, een instituut voor landlopers, bedelaars en alcoholisten. Over het algemeen kwamen er mensen, die door welke oorzaak dan ook, aan de rand van de samenleving stonden.

johannesDe initiatiefnemer Generaal van den Bosch had het nobele idee om deze mensen te resocialiseren, terug te brengen in de maatschappij, nadat ze in Veenhuizen omgevormd waren tot eerzame burgers. Hij dacht dat door ze op te vangen, te verzorgen en te begeleiden, ze weer normaal zouden kunnen functioneren en in hun eigen levensonderhoud zouden kunnen voorzien. Overal in het land, maar vooral in de steden, werden de arme sloebers opgepakt, veroordeeld wegens landloperij en naar Veenhuizen getransporteerd.

Sommigen meldden zich zelfs vrijwillig, omdat ze totaal waren vastgelopen in de maatschappij. Voor de minder bedeelden in ons land richtte Van den Bosch de Maatschappij van Weldadigheid op. Dat was Veenhuizen ca. 1823. Later kwamen er ook steeds meer veroordeelde misdadigers, die ook in hetzelfde patroon geresocialiseerd zouden moeten worden. Van den Bosch dacht ook deze mensen weer op het rechte spoor te kunnen brengen, waardoor ze weer zouden kunnen voorzien in hun eigen levensbehoeften. Hij heeft zich heel wat op de hals gehaald, zoals later zou blijken.